Ons Zeeland 1927, nummer 31

Vorige nummer Volgende nummer Overzicht Online zoeken

DE BEVELANDSCHE WEEK

Wat de Satisfactie van Goes is, en hoe men haar 350sten jaardag in de ganzenstad herdacht; noodlottige gevolgen van vaccinatie; muziek, en muziekvereenigingen.

De voornaamste gebeurtenis van deze week is ongetwijfeld de historische tentoonstelling te Goes, door de Vereeniging tot bevordering van het Vreemdelingenverkeer en "Nijtengo" georganiseerd ter herdenking van het feit, dat 22 Maart 1577, dus 350 jaar geleden, de Satisfactie van Goes tot stand kwam. Wat deze satisfactie toch was, dat men meer dan drie eeuwen later nog over hare totstandkoming verheugd is? Wel, in deze overeenkomst werd vastgelegd, dat Goes (en daardoor ook het eiland Zuid-Beveland) de gehoorzaamheid aan Spanje opzegde en zich, zooals de andere steden dat reeds vroeger hadden gedaan, schaarde aan de zijde van Willem I. Een idieel motief tot dezen overgang is niet te ontdekken, de Goessche voorvaderen waren zeer practisch, verwachtten van de Oranjegezinden meer rust en welvaart en orde dan zij de laatste jaren van de Spanjaarden kregen, en.... ze kozen een anderen heer. Dat Goes later dan de andere Zeeuwsche steden de Staatsche zijde koos, moet verklaard worden uit het feit, dat Karel V zich bij de Goessenaars zeer bemind had gemaakt door het schenken van diverse privilegies. De sympathie voor den vader werd op den zoon overgedragen en eerst nadat men bemerkt had, dat Fhilips II een geheel andere persoonlijkheid was dan zijn vader, ging men tot correctie van de sympathie-overdraging over.

Dat de kwestie van den overgang van Goes voor de vaderlandsche historie en voor de stad inderdaad zoo heel belangrijk is geweest, durf ik niet onderschrijven. Goes was immers geen baanbreekster op het terrein van den overgang, slechts volgelinge.

Hoe dan ook, verheugend is het, dat deze overgang aanleiding is geworden tot de historische tentoonstelling, die in haar genre geheel eenig is. Dank zij de medewerking van gemeenten en particulieren is een verzameling bijeengebracht, die uit wetenschappelijk oogpunt uiterst kostbaar genoemd mag worden. Op oordeelkundige wijze zijn de voorwerpen gerangschikt, en alles is zeer duidelijk toegelicht, zoodat ook de leek niet voor groote moeilijkheden werd geplaatst. Een woord van hulde aan allen, die deze tentoonstelling hielpen slagen is hier zeker op zijn plaats, We denken daarbij vooral aan de besturen van V. V. V. en "Nijtengo", aan mr. van Hattum uit Santpoort, die een pracht collectie inzond en bij de opening der tentoonstelling een interessante lezing hield over de beteekenis der satisfactie, we denken ook aan de inzenders, aan de bereidwilligheid van B. en W. van Goes, aan al de stille werkers, die met veel opoffering van tijd en met bewonderenswaardige accuratesse het gezondene indeelden. Terwijl ik dit overzicht schrijf is nog niet bekend of de tentoonstelling financieel geslaagd is. Daarentegen staat al vast, dat zij op geschiedkundige motieven een onverdeeld succes genoot.

Het is te hopen, dat deze tentoonstelling velen de oogen geopend heeft voor de historische schoonheden, die we in ons midden hebben, en dat zij aanleiding mag worden tot de stichting van een permanente expositie van Bevelandsche oudheden in een behoorlijke omgeving. In het stadhuis te Goes bestaat een soort oudheidskamer, maar deze beantwoordt niet aan haar doel. Met smart wordt door de liefhebbers van mooie dingen uit de oudheid naar een goede inrichting uitgezien.

Op de feesten, die aan de tentoonstelling verbonden waren, hoop ik nader terug te komen.

x

Heeft Goes door het bovenstaande in de pers de aandacht getrokken, de naam van de stad verscheen ook in de couranten in verband met een droevige kwestie. Na vaccinatie van plm. 90 kinderen werden er vier door een ziekte aangetast, waarvan twee zoo ernstig, dat de dood intrad. Door dit droevig gebeuren, dat een gevolg is van de inenting tegen de pokken, kwam natuurlijk de kwestie der verplichte vaccinatie weer op het tapijt. Sommigen zijn de meening toegedaan, dat de oorzaak van de ziekte te wijten is aan het gebruik van minder goede entstof, anderen gelooven dat deze in orde was en dat de oorzaak gezocht moet worden bij het toeval, dat ook in de medsche wetenschap nog een groote rol vervult. Blijkt het laatste juist, dan doet zich de vraag voor: mogen we onze kinderen aan een kleine kans tot sterven bloot stellen en weegt deze mogelijkheid op tegen het gevaar van de pokziekte, dat opnieuw opduikt als de verplichte vaccinatie wordt afgeschaft. Blijkt dat de entstof van een schadelijke samenstelling is geweest, dan vervalt deze vraag, maar dan kan geen verwijt scherp genoeg zijn om de bereiders van de vaccine te treffen. Een uitgebreid onderzoek is voor alles gewenscht.

x

De stad staat deze week dermate in het teeken van de belangstelling, dat het land erbij inschiet. Gelukkig dus dat zich daar gedurende de jongste overzichtsperiode weinig belangrijke zaken voordeden. Daarom ook dit slot van het overzicht over Goes. Men heeft daar "Apollo" uit Wissenkerke als gaste op de Groote Markt gehad, "Apollo" kwam er n.l. onder leiding van den heer C. Flipse, een bekende in de Zeeuwsche muziekwereld, een concert geven. Er was veel belangstelling voor deze uitvoering, wat zeker wel verband hield met het feit, dat "Apollo" een van de beste Zeeuwsche muziekgezelschappen is. In Goes is dit opnieuw bewezen. Ongetwijfeld zal men er het gezelschap uit Wissenkerke gaarne terug zien. Kan dit niet het begin worden van een "uitwisseling" van muziekgezelschappen op meer plaatsen?

Een andere gebeurtenis op muziek-gebied was het 40-jarig jubileum van "Euphonia" te Goes, dat Vrijdag j.l. herdacht werd met een muzikale rondwandeling en concert door de zustervereenigingen "Hosanna" uit Goes en "Ons Genoegen" uit Kapelle. Gedurende de pauze recipieerde het jubileerende gezelschap en daarbij kwam tot uiting hoe in Goes "Euphonia" gewaardeerd wordt.

A. M. D.

 

DE KALENDER DER NOORDGROEP

Een fortuinlijke vangst; tentoonstelling in de huishoudschool; een gedenkwaardige dag voor Tholen; over een jubileum en over een tijdelijke voorziening.

Zou nu en dan valt er op de Zeeuwsche stroomen voor den visscher wel eens een extra dubbeltje te verdienen, wanneer Neptunus hun iets in de netten werpt, dat niet tot den gewonen buit behoort. Dit ondervond onlangs de Thoolsche visschersboot Tholen 49, welke op de punt van de Zandkreek niet minder dan 147 z.g. "pijlstaarten" ving. Hiermede wordt zeer waarschijnlijk bedoeld de pijlstaartrog "trygon pastinaca", een soort rog, die zich van de gewone soorten onderscheidt doordat van de stralen duidelijk kenbare borstvinnen zich voor den kop uitstrekken en de staart geen eigenlijke vinnen, maar een huidzoom draagt en bovendien een stekel met weerhaken bezit, welke als verdedigingsmiddel wordt gebruikt. De levers van dit dier worden op het oogenblik duur verkocht voor medicinale doeleinden.

x

Kort geleden had tegelijk met den eersten overgang naar een andere klas, aan een der landbouwhuishoudkundige cursussen aan de Huishoudschool te Zierikzee, een tentoonstelling plaats van de verschillende werkstukken, vervaardigd of behandeld door de leerlingen der diverse cursussen. Met veel belangstelling werd vooral door de dames-bezoeksters kennis genomen van het geëxposeerde in de theorielokalen en keuken. Met genoegen kon geconstateerd worden, dat den leerlingen veel is bijgebracht, dat hen later van groot nut zal blijken te zijn op de levensreis.

x

Maandag 18 Juli, des morgens 9 uur, had te Tholen een gebeurtenis plaats, die in de annalen der oude veste aan de Eendracht met duidelijke letters zal worden opgeteekend. Op dien datum toch stak de burgemeester dier gemeente, mr. A. J. van der Hoeven, de eerste spade in den grond, daarmede een begin makend voor het graafwerk, noodig voor de voorbereidende werkzaamheden aan de Thoolsche brug, die er na veel gepraat en veel gehaspel dan toch eindelijk komt, het eiland verlossen zal uit zijn isolement en het beruchte pontje op non-activiteit zal stellen. De burgemeester hield bij deze gelegenheid een rede, waarin hij o.a. zijn vreugde uitte over het feit, dat van de aannemers, die hunne krachten aan het werk zullen geven, een inwoner van Tholen de eer te beurt valt, de eerste aannemer te zijn, die Tholen daadwerkelijk het eerste begin der overbrugging kan laten zien. Verder wenschte Z.E.A. dat de resultaten van den arbeid, die in de komende maanden zal worden gepresteerd, zal mogen blijken te strekken tot bevordering van den bloei der gemeente Tholen.

x

Nu we toch over Tholen schrijven, moeten we meteen even het feit vastleggen, dat onlangs de heer J. Schot aldaar den dag herdacht, waarop hij voor 50 jaar in dienst trad bij de firma W. en L. J. Moelker, oesterhandelaren, aldaar. Een halve eeuw in dienst van één patroon of firma, ziedaar een gebeurtenis, die meer en meer tot de zeldzaamheden gaat behooren in dezen ongedurigen tijd. Maar zoo nu en dan hoort men nog van die oude getrouwen, die jarenlang hun beste krachten gegeven hebben aan de zaak waar ze als knaap in dienst traden en met voorbeeldelooze trouw en ijver de hun opgelegde taak vervulden. De heer Schot werd door een lid der Firma Moelker, het lid van de Prov. Staten, den heer W. Moelker, gecomplimenteerd, een geschenk onder couvert aangeboden en dank gezegd voor den betoonden ijver en de plichtsbetrachting, zooveel jaren aan de firma Moelker bewezen. Mede viel hem een koninklijke onderscheiding ten deel.

x

In afwachting van de nieuwe brug, die over de Nieuwe Haven buiten de Zuid-Havenpoort zal worden gebouwd, is dezer dagen een eind verder een hulpvoetbrug over de haven gelegd, ten einde de bewoners van 's Heer Lauwendorp, in de onmiddellijke nabijheid van de stad Zierikzee gelegen, te gerieven, daar ze anders op hun tocht naar de stad, waarin de overgroote meerderheid haar werk heeft, een flink eind om zouden moeten loopen. Voor de scheepvaart is eveneens gezorgd, door op het eind der hulpbrug een klep aan te brengen, om de schepen, die naar het Sas moeten, door te laten. Het auto- en rijtuigverkeer is in deze omgeving omgelegd.

M. d. P.

DE WEEK OP WALCHEREN

Een en ander over de landbouwtentoonstelling; wat Middelburg maar niet begrijpen wil; een abattoir-kwestie in 't zicht.

Natuurlijk begin ik dit weekoverzicht met te herinneren aan de landbouwdagen die Middelburg van 19-21 Juli gehad heeft. Die hebben een drukte van belang in en om de Zeeuwsche hoofdstad gebracht.

Dagen van te voren was er al gewerkt op het terrein, om dit voor de tentoonstelling in orde te brengen. Bruggen over slooten werden gelegd, rijwiel- en autestalles in gereedheid gebracht, stallen voor allerlei vee getimmerd, enz.

's Dinsdags, 's Woendags, maar vooral 's Donderdags in de vroegte verschenen de exposanten met hun levende en mechanische inzendingen en het was, als altijd, een jagen en draven, om klaar te zijn op het uur, waarop de tentoonstelling officieel zou worden opengesteld.

Wel was het weer op den tentoonstellingsdag (Donderdag) slecht, maar het bezoek viel niet tegen. Toch was de regen een factor, die in vele opzichten tegenwerkte.

Ik zal over deze expositie hier niet in den breede schrijven. De verschillende bekroningen werden in de provinciale bladen vermeld en wezen meteen uit, wat er zooal op deze tentoonstelling te bezichtigen viel.

Het was inderdaad veel. Paarden, rundvee, geiten, konijnen, bijen, maar ook stands als die van groenten en fruit, van het vereenigingswezen, hoefbeslag, enz. Er was veel te zien en te leeren. En opnieuw ben ik versterkt in mijn meening, dat de Zeeuwsche landbouw onzegbaar veel, op theoretisch zoowel als op practisch gebied, aan de Z. L. M. te danken heeft.

Haar instituut van gewassenkeuring maakt het haar leden mogelijk steeds zaai- en pootgoed van superieure kwaliteit te betrekken. Tegen een zeer billijke vergoeding wordt op het bureau der Z. L. M. de boekhouding der leden gevoerd. Dreigen de leden schade te lijden op het gebied van pacht, ze hebben zich maar te wenden tot het pachtbureau. Zitten ze met juridische moeilijkheden, welnu, de Z. L. M. heeft een rechtskundig bureau. Zoo zou ik nog gemakkelijk kunnen voortgaan. Maar wie geregeld de verslagen van H. B. en algemeene vergaderingen leest, weet wel, dat de leden nooit vergeefs een beroep doen op het Bestuur en het secretariaat.

Rechteloos en machteloos is een boer, die lid is der Z.L. M. allang niet meer.

Om nu terug te keeren tot de tentoonstelling, moet ik nog op één ding wijzen. Men moet haar n.l. niet hooger aanslaan dan hare werkelijke waarde is. Ze was niet een tentoonstelling van den Zeeuwschen, maar van den Walcherschen landbouw. Het was een kringtentoonstelling. Maar als zoodanig is ze dan ook zeker geslaagd. Velen zullen niet geweten hebben, dat de Walchersche land- en tuinbouwers en veetelers zooveel presteerden.

Aardig was het b.v. toen enkele vader- en moederpaarden met afstammelingen in den ring werden voorgeleid. Ook mag wel vermeld, dat een veehouder, de heer W. de Buck te Meliskerke, niet minder dan plm. 20 stuks rundvee inzond. Een prestatie waarvoor zeker hulde past.

x

De rijtoer, die 's Woensdagmiddags werd gehouden, werd in tegenstelling met de tentoonstelling begunstigd door schitterend zomerweer. Rijkelijk kon van het mooie van Walcheren genoten worden. Niet minder dan 80 auto's en autobussen waren noodig, om hen, die belangstelden in Walcherens natuurschoon en in den stand der gewassen te vervoeren. Op de fraaie buitenplaats "Molenwijk" te Oostkapelle (eigendom van den voorzitter van den kring, Jhr. P. J. Boogaert), werd uitgestapt. Daar werden de deelnemers rijkelijk onthaald.

Het bleek ook op dezen rijtoer, dat de regen aan vele gewassen (aardappelen, erwten, boonen, enz.) groote, in sommige gevallen onherstelbare, schade heeft toegebracht.

x

Schitterend naar vorm en inhoud waren weer de redevoeringen, die de voorzitter der Z. L. M., de heer P. Dieleman, uitsprak bij de officieele ontvangst ten stadhuize, in de algemeene vergadering en aan de maaltijden. De heer Dieleman is wel een historiekenner bij uitnemendheid, die thuis is in onze provincie als weinigen, maar die de belangen van den landbouw met alle krachten steunt en bevordert. Het woord van hartelijken dank, dat aan het eind der algemeene vergadering door een der Bestuursleden werd gesproken en de complimenteuze woorden door den Commissaris der Koningin aan het diner tot hem gericht, werden dan ook zeker door alle leden onderstreept.

Zoo behooren de landbouwdagen van 1927 weer tot het verledene. Middelburg heeft er weer wat meer drukte door gehad.

Toch - ondanks het vriendelijke speechje van den burgemeester bij de officieele ontvangst - zijn er blijkbaar nog heel wat Middelburgers, die het belang niet inzien, dat Middelburg bij den landbouw heeft.

Ze namen althans weinig notitie van de landbouwfeesten. En toch zoo zei hun burgemeester "gaat het den landbouwer goed, dan profiteert daarvan ook de stedeling; gaat het echter den eerste slecht, dan voelt de tweede dit geducht." Er zijn steden, waar men dat beter begrijpt dan in Middelburg.

x

Middelburg en Vlissingen zullen, naar het schijnt, ook hun abattoir-kwestie krijgen. Niet in dien zin, dat nog over het principe van een gemeentelijk slachthuis moet worden beslist. Maar hier zal de strijd voornamelijk loepen over de plaats, waar zulk een inrichting zal verrijzen.

Op het eind van het vorige jaar is door de gemeentebesturen van Middelburg en Vlissingen gezamenlijk een commissie van drie deskundigen benoemd, die tot taak had rapport uit te brengen over de vraag in welke gemeente en op welke plaats het aanbeveling zou verdienen eventueel een centrale slachtplaats voor rekening van Midelburg en Vlissingen te stichten.

Het is zeer zeker te prijzen, dat beide gemeentebesturen althans op dit gebied trachten wilden economisch te werken. Er was b.v. in den Vlissingschen gemeenteraad voor enkele maanden een meerderheid, die ten aanzien van de ziekenhuis-kwestie toonde met de economie liever niet te rekenen, iets, wat haar door den soc. democraat Berger toen terecht is verweten.

Toen het abattoir ter sprake kwam, wilde men toch niet direct de dwaasheid begaan, om, zonder voorafgaande studie, maar onmiddellijk in beide steden een slachthuis te bouwen. Bovenbedoelde commissie werd in het leven geroepen en komt nu tot de conclusie, dat als meest geschikte plaats in aanmerking komt een terrein aan den Nieuwen Vlissingschen weg, dicht bij Middelburg, tegenover de Coöp. Zuivelfabriek en gelegen op het grondgebied der gemeente Koudekerke.

Ik kan me voorstellen, dat deze conclusie weinig naar den zin der Vlissingsche slagers zal zijn en dat ze wel zullen trachten dit voorstel van de baan te krijgen. Er zullen er ongetwijfeld velen buiten de commissie zijn, die zich als deskundigen opwerpen en veel betere terreinen weten aan te wijzen. Maar uit het breedvoerig rapport der commissie blijkt, dit zij niet minder dan van tien terreinen heeft overwogen, of zij voor het onderhavige doel in aanmerking kwamen en dat zij uitvoerig beredeneert, om welke redenen het genoemde terrein de voorkeur verdient. Toch zal er hoogstwaarschijnlijk in de gemeenteraden van Middelburg en (vooral) van Vlissingen wel zwaar over dit rapport geboomd worden.

v. d. A.

 

DE WEEK IN ZEEUWSCH-VLAANDEREN

Verbroederingsfeest in Hoek; over den tuinbouw en over export; electriciteit op school; schadevergoeding en "Aardenburg".

Hoek heeft zijn muziekfeest gehad, dat - het viel op een der weinige zomersche dagen van dit jaar - veel drukte in het dorp teweegbracht. Drie muziekgezelschappen trokken, om de beurt spelend, door het dorp en gaven daarna in de kiosk op de markt een concert, dat ongeveer een uur in beslag nam.

Een talrijk publiek toonde zijn belangstelling. En van het Hoeksche publiek mag - andere dorpen en steden tot een beschaming - gezegd, dat het zich onder het spelen der verschillende nummers voorbeeldig stil hield.

Nadat aan de muzikanten van elders ververschingen waren aangeboden, werd door de voorzitters van de te gast geweest zijnde vereenigingen dank gebracht voor de bereide ontvangst.

Het ligt in de bedoeling dergelijke "verbroederingsfeesten" ook te Zaamslag en te Axel te houden. Het gaat in ons Zeeuwsch-Vlaanderen over 't algemeen gemoedelijk en leutig toe!

Reeds vroeger schreef ik, dat het in Zeeuwsch-Vlaanderen meer en meer gaan moet in de richting van den tuinbouw. De landbouw biedt vooral hier, waar zooveel grootbedrijf bestaat en waar men in Westelijk Zeeuwsch-Vlaanderen zoo weinig aan wieden doet, aan betrekkelijk weinig arbeiders werk. Nu poogt men wel -gelijk ik enkele weken geleden schreef - overheidssteun te verkrijgen voor de vlasindustrie, maar afgewacht moet, of dit lukken zal. In ieder geval verdient het uit economisch oogpunt de voorkeur, als men door verandering van bedrijfsvorm tracht de malaise te boven te komen. De tuinbouw vraagt meer arbeidskrachten dan de landbouw en is dus het middel tegen werkloosheid bij uitnemendheid.

We zitten hier echter met de moeilijkheid van den export. Daarom zal zeker met blijdschap kennis zijn genomen van het bericht, dat de Prov. Stoombootdienst op de Wester-Schelde de tarieven voor vervoer van groenten en fruit zal verlagen. Daardoor is goedkooper vervoer naar Vlissingen mogelijk. Kan nu ook nog bereikt worden, dat de Stoomvaart-Maatschappij "Zeeland" haar tarieven (die nog altijd hooger zijn dan die der Belgische booten) wat lager stelt, dan is het uitvoeren onzer tuinbouwproducten naar Engeland wat goedkooper geworden. Alle beetjes helpen! En dan maar weer verder in de richting van "meer tuinbouw in Zeeuwsch-Vlaanderen!"

x

Hoewel de electriciteit in Zeeuwsch-Vlaanderen, vergeleken met andere streken in ons land, vrij duur is, en daardoor de aansluiting aan het net nog lang niet algemeen, is het toch wel gewenscht, dat vooral onze jongelui goed op de hoogte met den stroom zijn.

Daarom verdient het zeker toejuiching, dat de Inspecteur van het L. O. in de inspectie Ter Neuzen een cursus in electrotechniek voor Oost-Zeeuwsch-Vlaanderen organiseert, te geven door den heer Ir. de Regt, electrotechnisch ingenieur te Terneuzen. De cursus, die te Axel gegeven zal worden, zal met September geopend worden.

Het is de bedoeling in 't bijzonder ook de onderwijzers tot deelname op te wekken. Zijn zij behoorlijk op de hoogte, dan is te verwachten, dat ook de jeugd successievelijk wordt ingelicht omtrent het nut, maar ook de gevaren van electriciteit.

x

Het zal met de vergoeding van de schade, door tal van boeren in Oost-Zeeuwsch-Vlaanderen door hagel en storm geleden, wel in orde komen. Voor zoover de boeren verzekerd waren tegen deze schade, ontvangen ze een behoorlijk bedrag, naar billijkheid te schatten, terug.

En voor zoover ze niet verzekerd waren, zullen ze door het Nationaal Steuncomité (waarin ook de Commissaris der Koningin in Zeeland zitting heeft) worden schadeloos gesteld. Reeds thans - terwijl nog niet bekend is, hoeveel er in totaal zal binnenkomen - kan de verzekering worden gegeven dat de slachtoffers, voor zoover en naar mate zij daarvoor in aanmerking komen, in de uit te keeren vergoeding zullen deelen.

x

De Aardenburgsche kwestie is, als de gepubliceerde berichten juist zijn, een eind dichter bij de oplossing gekomen. Ondanks alle verzekeringen en verklaringen van R. K. zijde, wordt nu gemeld, dat deskundig schrift-onderzoek heeft aangetoond, dat het aanbrengen van de roode krassen en strepen, die vele stembiljetten ongeldig maakten, niet gelijktijdig heeft plaats gehad met het rood maken van het hokje door de kiezers. Tevens is duidelijk gebleken, dat het vlak, waarop het stembiljet lag, tijdens het invullen van het hokje een ander was, dan dat, waarop het biljet rustte, toen de krassen en strepen zijn aangebracht.

Geen wonder, dat, nadat dit vast stond, het gerechtelijk onderzoek wederom in vollen gang is gebracht. De Justitie wil natuurlijk, nu eenmaal fraude is geconstateerd, ook weten, wie zich daaraan heeft schuldig gemaakt.

Er begint dus eenig licht in deze onverkwikkelijke zaak te komen. Zooals het er nu uitziet, lijkt het wel hoogst onwaarschijnlijk, dat Ged. Staten hun goedkeuring zullen en kunnen hechten aan de Raadsverkiezing te Aardenburg.

X. Y. Z.

 

DE VROUW AAN HET WOORD

Als de zon schijnt, neem het waar!

Zoo ga je er tegenwoordig over denken.

En daar de zon ons tegenwoordig bij voorkeur op Zondag in den steek laat, richt je je werk er al op in, om den eersten den besten weekschen dag, wanneer de koesterende zon je beschijnt, naar buiten te wippen.

Zoo liet ik verleden week op een schitterenden dag alle periodieken en wat dies meer zij, naar den koekoek loopen, en fladderde er uit.

Zandvoort.... aan de zee!

Deze badplaats, die zoo genoegelijk onder den rook van Amsterdam ligt, is bij uitstek geschikt om er nog gauw even heen te wippen.

Dit is ook zoo prettig, op warme zomer-avonden, àls ze er zijn, tenminste!

Je verzet je diner-uur, bikt om vijf inplaats van zes, neemt gauw even een treintje of de electrische tram en binnen de drie kwartier zit je fijn aan het strand.

Als het zoo eenige dagen gegoten heeft en alle dodden van jurken in de kast zijn blijven hangen, tot spijt van de bezitsters en er komt dan zoo'n stralend zonne-dagje, dan is het strand plotseling een bloemenveld, dan beijveren alle vrouwkes zich om er op z'n poesmooist uit te zien.

Ik zat genoegelijk in m'n badstoel, koesterde me in de zon, voelde me allerbehagelijkst.

"Nou even kijken of ik aardige toiletjes zie," dacht ik, "voor m'n Zeeuwsche lezeressen wel aardig, dat ze weten zullen, hoe de Amsterdamsche zich voor Zandvoort kleedt."

M'n stoel stond zóó, dat ik net de vaste cabines vóór d'Orange kon zien.

De goed gesitueerde gasten maken hier graag gebruik van, ze vinden het prettiger dan op een badkoetsje te moeten wachten. Van de trap van het hotel, die van het terras af direct naar zee voert, komen twee elegantjes aangetrippeld.

Even beschrijven hoe ze er uitzagen.

Het blonde meiske had een robe van lichtblauwe Djersakasha met geplisseerde strook van de kniehoogte af. De taille recht toe recht aan, als een lange jumper, met smal ceintuur van iets donkerder tint Crêpe de Chine, waarvan ook het Russische halsboordje was en de voering van den langen mantel van Djersakasha.

Een muis-grijze capeline met smal blauw-zijden lint om den bol, omsloot het teer-blonde kopie.

De donkere vriendin had een crême flanellen robe aan, heel glad, een eenvoudig, met een ceintuur van vijf smalle zijden tresjes in knal-rood.

Een flanellen marine-kraag, die als een lange lap van schouders tot rug-einde liep, was eveneens van knal-rood, had een breede bies van wit flanel, waarop drie rijen zijden tresjes gegarneerd waren.

Een wit-vilten hoed met rood lint, een parasolletje van wit met roode bloemen voltooide dit gedurfd en aardig geheel.

De elegantjes wandelden over het strand, of eigenlijk ze slenterden zoo'n beetje, zoo om den tijd te dooden tusschen déjeuner en bad.

Na een tijdje zag ik ze verdwijnen in de aardige cabines, die zoo vroolijk in hun hel-groen en rood tegen strand en duinen afsteken.

"Ik houd ze in de gaten," dacht ik.

Al heel gauw - een vrouw van 1927 heeft niet zoo heel veel uit te doen - kwamen ze weer te voorschijn.

Blondje had een badmantel aan, eigenlijk een paletot trois-quarts, van zwarte taffetas met geborduurde bloemen in witte zijde.

De openvallende mantel liet een bad-costuum zien van zwarte zijden tricot met vest van witte zijde en wit smal ceintuurtje van peau de suède.

Brunette had een badpak van beige zijden tricot, met streepen in drie verschillende tinten groen, waar ze een badmantel overheen droeg van tussor naturel, met groen zijden motieven.

Heel toevallig ontmoette ik ze weer, toen ik 's middags om vijf uur m'n kopje thee ging verschalken bij Hotel Driehuizen, waar een strijkje is, dat m'n hart deugd doet.

Ik genoot net van een kwijnend gespeelde Tango, toen het tweetal met een tikje teveel drukte naar binnen stevende en plaats nam aan een van de hoog opgeschoven breede ramen, van waaruit je de zee zoo heerlijk kunt zien.

Blondje had een tailleur aan van shantung naturel, waarvan het rokje geplisseerd was en waarboven ze een vest-blouse droeg van zacht-rose gebloemde crêpe de Chine.

Om het coquette hoedje van gehaakte raffia, was een sluier gelegd van dezelfde crêpe de Chine, waarvan de vest-blouse was.

Uit de nauw-sluitende mouw van de tailleur, die opzij vier knoopen had, hing guitig in twee lange punten het rose zakdoekje met den gebloemden rand, ook alweer heelemaal in harmonie met het geheel.

Brunetje droeg een robe van witte foulard, met rood-zijden moezen. Een visschers-zakdoek was gevouwen om den hals, hing in een punt op den rechterschouder en werd links afgesloten door een rood-tullen bloem. De zakdoek en de korte mouwtjes - u weet wel, zulke nauwe kokertjes, die alleen den bovenarm bedekken, hadden een rand van ronde zijde.

Een groote capeline van fijn wit stroo, met roodzijden band, stond alleraardigst bij deze flattante robe.

Was het wonder, dat de donkere violist van het strijkje juist bij dit tafeltje zijn kweelend "ai, ai," streek en de smachtende toontjes uitzond naar de twee, die kwasi argeloos hun cocktail savoureerden?

Ik vertel u in een andere babbel wat de avond me bracht.

E. B. B.

 

TREFFERS EN POEDELS

Vacantiespiegeltje.

Juli is de maand der vrijheid

van het werkende geslacht,

vele Julidagen worden

"ergens anders" doorgebracht.

't Zijn de gouden vreugdedagen

voor de hoop van 't vaderland,

blije, vrije schoolfestijnen

in het bosch en aan het strand.

Schooljuf krijgt verwarde haren,

meester heeft een natte boord,

naties t. b. c.-bacillen

worden op zoo'n dag vermoord.

Op een fiets-op-afbetaling

gaat de een de wereld in,

en een Croesus in z'n D-trein,

is nog niet zoo blij van zin.

Op een wegberm tea-en heertjes

in hun nieuw confectiepak,

'n stofbril-dame op 'n duo

mompelt iets van kale ....

'n Ruim gezegend echtpaar holt met

kroost en koffers naar 't station,

zóó snel, dat het nèt precies den

juisten trein niet halen kon.

De hotels dat zijn kazernes,

werken op hun volle klacht,

in de dining-, dance- en bedrooms,

heerscht de luxe dag en nacht.

Op de restaurant-terrassen

waart de holle armoe rond,

uitgestrekte bedelhandjes,

't woordje honger in den mond.

De menu's à la française,

zijn voor vele gasten Fransch,

jongelui (en soms ook oude)

maken vis à vis hun chance. -

- - -

De vacantie is een bezem,

die de zorg, die velen plaagt,

met een fikschen veeg der borstels

tijdelijk de lucht in jaagt. -

WILLEM TELL II.

HET JOURNAAL VAN PHILEMON ZIJDEWIND

20 Juli. - Naar tuinconcert van "Trommele Tamboers" geweest. Krachtige muziek. De deuken, die de instrumenten op het laatste concours ontvangen hadden, er finaal uitgeblazen. De lindeboom, waaronder gespeeld werd, is gedeeltelijk ontbladerd. Onder het lievelings-nummer van het korps, wond de dirigent zich zoo in geestdrift op, dat hij voorover van zijn podium, in de bombardon schoot en de bombardonist, door den luchtdruk van zijn speeltuig, in de Turksche trom geslingerd werd, wat een onverwacht, maar toch aardig effect gaf.

Gedurende de pauze kleine oneenigheid met een dame in paarse zijde, doordat Jossie tegen haar tafeltje met consumptie gevallen was. Toen ze van schadevergoeding sprak, gaf Liesbeth het consigne: negeeren! Overigens prettige avond en gezellige drukte. Kon niet eens met een kellner afrekenen, hoewel ik toch tijdens het applaus, na het laatste nummer, met mijn vinger op het viltbordje onder mijn bierglas, om hem getikt heb. Weinig dienstijver onder het tegenwoordige personeel.

21 Juli. Beppie moest als penningmeesteresse van haar H. B. S.-clubje, vandaag noodzakelijk de kwartaal-nota's innen, maar na schooltijd begon het waarachtig juist te gieten. Daar Liesbeth vond, dat het geen weer was om een hond naar buiten te jagen, heb ik me maar met dat karweitje belast.

Vanavond veel vertier in de stad. De jonge-burgerknapen-fluitvereeniging, wilde een serenade brengen aan het oud-lid, dr. Doorloop Jr., die den Prix de Boerhaave heeft gekregen, om zijn geelzucht-studie in China voort te zetten, doch dr. Doorloop Sr., die wat nerveus en kippig is, meende dat men de wetenschap uitfloot, waarna hij met een slang-op-de-waterleiding, als een fakir zijn stoep bedanste en het concert in een waterballet veranderde.

22 Juli. Spoedvergadering van het Oranje-comité. Als eenigst punt op de agenda stond het feit, dat deze week in het Geldersche een mol is gevangen met oranje-pels. Na langdurige discussies besloten het dier aan te koopen voor het te stichten museum. Eerst was er een tamelijke oppositie, maar de voorzitter wist die tenslotte tot zwijgen te brengen, toen hij er in een schitterende improvisatie op wees, dat men dit overtuigend bewijs, van de steeds dieper in onze landouwen doordringende liefde voor het Vorstenhuis, niet mocht laten te niet gaan.

Breeduitstra had succes met een amendement, om in het bekende "Oranje Boven" den nieuwen regel "En Oranje onder" te lasschen.

23 Juli. Historische tentoonstelling in Goes geopend. Wilde er dolgraag heen, maar had geen invitatie. Gelukkig gooide Sientje een keulsch potje stuk. Een der scherven met aarde bevuild en daarmee naar de expositie. Mompelde wat van het verdronken land van Reimerswaal en werd gefêteerd door zestien commissie-leden. Enthousiast over mijn bijdrage. Die werd voorzichtig in een vitrine gedeponeerd. Speciale bewaker aangesteld. Zou 's avonds in de Lips-brandkast worden gesloten - (die scherf n.l.). Foto er van gemaakt om op te zenden aan dr. Holwerda. Ze wilden mijn naam weten. Voelde me niets op m'n gemak. Wist er tusschen uit te knijpen. Zag later nog een intieme kennis. Mijn borstrok, waarvan ze indertijd het waschnummer voor het jaartal aanzagen, lag bij de oer-ouderwetsche kleedingstukken; 't fabrieksmerk van Jansen en Tilanus uit Friezenveen, was er uit-ge-chloord.

Opening zonder eere-wijn. Een burgemeester naast me, informeerde op kiesche wijze bij een commissielid, naar het waarom van dit hiaat. Teergevoeligheid, zei die, in Goes was geen oude wijn geweest om op zoo'n historisch feest te schenken. Had best jongeren gelust.

24 Juli. Om de kinderen aangenaam bezig te houden een ineressante kunst-truc gedemonstreerd, welke ik laatst gezien heb op de soos. Op een wijnglas een dikke schijf kurk en op die kurk een geldstuk. De eisch: geldstuk in het wijnglas werken, zonder het aan te raken. Kinderen perplex. Wisten er geen raad voor. Toch betrekkelijk eenvoudig. Klap met 'n mes tegen de kurk; wet der zwaartekracht; geldstuk in het glas. Sloeg helaas mis en er zat nog wijn in, Liesbeth riep om natte sponzen en sprak over incompleet glaswerk. Geen pudding.

25 Juli. Op aandringen van Breeduitstra, die mij welgezind is, eenige voorbereidingen getroffen voor de verkiezing van morgen, Sandwich-man gehuurd. Zal twee borden dragen met opschrift: "Recht door zee met Zydewind", voor drie kwartjes per uur. Kon niet eten vandaag. Was ik maar nooit aan die beweging begonnen.

26 Juli. Schrijf dit in het ziekenhuis. Een zuster houdt m'n hand vast. Kan dus niet vrijuit m'n gevoelens neerpennen. Volledigheidshalve zal ik in enkele trekken mijn wedervaren schetsen. De sandwichman is gaan staken wegens loonverschil. Heeft de borden voor m'n huis gezet. Meest toen, terwille van Liesbeth, er zelf mee op stap. Hoofd zooveel mogelijk verborgen. Werd mijn ongeluk. Onder verkiezingsauto geraakt. Wist noch waar ik begon, noch waar mijn borden eindigden. Het een met 't ander gespalkt. We zijn er slecht aan toe. Wat een échec! Heb twee voorkeurstemmen. Had ik er maar één! Dan wist ik tenminste, dat niemand mij gestemd heeft en kon ik allen verachten. Rechtvaardigheidshalve gaat dit nu niet. Mag niet meer de pen hanteeren van zuster. Ik wind me zoo op en ik schrijf onleesbaar.

(Nadere berichten luiden, dat de toestand van onzen medewerker, den heer Zijdewind, zorg baart. Men hoopt hem evenwel voor de menschheid te kunnen behouden. Voorloopig moet het dagboek echter onderbroken worden. - Red.)